• Petra Hibma

IK GA HET DOEN! (2)

Wanneer en hoe vertel ik aan mijn niet-paardenman (voorheen anti-paardenman, het gaat de goede kant op) dat ik mijn zakelijke jurkjes, lingerie, pumps, gestyled haar en Dolce & Gabbana parfum wil gaan verruilen voor libidododende rijbroeken met dito sportondergoed, stalschoenen, een paardenstaart en parfum de cheval?


Hij vindt me onweerstaanbaar in mijn zakelijke outfits dus dit alleen is al genoeg reden voor hevig protest. Hoe ga ik uitleggen dat ik mijn goede carrière wil gaan verruilen voor een onzekere toekomst in de hippische sector? Maar dat ik heus niet geschift ben? En dat, ja-ja inderdaad, het al drie keer anders is gelopen maar dat ik nog steeds die droom heb en hem waar wil maken?


Dat zit ik allemaal te bedenken terwijl manlief en ik op vrijdagavond aan de grote tafel een wijntje drinken met dochter en haar vriendje. Manlief is vrolijk en ontspannen en zit op het enige paard waar hij wel van houdt, zijn stokpaardje: de zaak. Dochter en vriendje gaan naar boven, de verhalen kennen ze nu wel. Manlief is in zijn nopjes. “Hé Peet, vorig jaar rond deze tijd stonden de zaken er heel anders voor, weet je nog.” Plotseling buigt hij zich naar mij toe, pakt mijn hand en kijkt me liefdevol aan. “Ik heb zoveel aan jou te danken. Jij had het lef om die moeilijke opdracht aan te nemen waardoor ik orde op zaken kon stellen. Ik doe weer wat ik leuk vind en waar ik goed in ben. En het heeft succes Peet! Eén ding: ik beloof je dat het zo blijft.” Ik krijg het warm. Niet eens van het lieve compliment, dat hoor ik maar half, maar van de spanning. THIS IS THE MOMENT!


Ik denk: NU! ZEGGEN! Zég het Peet! En ik ratel in één adem af: “Daar ben ik blij om. En ik vind het heerlijk om te zien dat je weer helemaal in je element bent. Weet je, dat zou ik ook wel willen, in mijn element zijn. Ik kan het natuurlijk wel goed, dat wat ik nu doe, maar ik ben niet in mijn element. En eh… er is maar één plek waar ik dat wel ben. En mijn opdracht houdt straks op.” Manlief gaat weer achterover zitten. Hij kijkt bedenkelijk. Ik zet me schrap. “Je wilt me wat vertellen”, zegt hij. “Ik weet het wel, je wilt je paardending gaan doen hè!” Ik slik en denk: nu gaan we het krijgen. “Lieve Peet, volg je droom en ga het doen! Nu ben jij aan de beurt, ik sta er helemaal achter. Sterker nog, ik zal je helpen!” Ik ben met stomheid geslagen. De wijn is hem toch niet nu al naar het hoofd gestegen… Ik moet lachen en huilen tegelijk. Kan ik het nu dan eindelijk toch gaan doen? Ik kan het niet geloven.